
De Britse tenor Philip Sheffield studeerde Engelse literatuur aan het Trinity College van Cambridge en daarna zang aan de Guildhall en het Royal College of Music. Zijn professioneel debuut maakte hij in 1988 aan de Brusselse Munt in L’incoronazione di Poppea.
Sindsdien heeft hij in vele Operahuizen van Europa gezongen: Don Ottavio/Don Giovanni en Pelléas onder leiding van Georges Prêtre aan de Opéra Comique te Parijs; Male Chorus/The Rape of Lucretia aan de Opera de Nantes, Delmonte/Un Giorno di Regno (Verdi) en Cascada/Die lustige Witwe aan de Royal Opera, Jacquino/Fidelio voor English National Opera, Ferrando/Il Trovatore aan de Opera Northern Ireland, Belmonte/Die Entführung aus dem Serail, Tamino/Die Zauberflöte en Lenski/Jevgeni Onegin in Luzern. Ook heeft hij vele hedendaagse opera's gezongen waaronder 63 Dream Palace van Hans-Jürgen von Bose, en Playing Away van Ben Mason op de Biënnale van München. Hij was eveneens te horen bij Opera North, op de festivals van Buxton en Savonlinna en onder meer aan de Kameropera te Berlijn en l’Atelier Lyrique. Onlangs was hij te zien te Saarbrücken in de nieuwe opera Madame la Peste van Gerhard Stäbler en in Viva la Mamma van Donizetti. Bij Opera North werkte hij mee aan de producties van Der Rosenkavalier en l’Enfant et les Sortilèges. Bij Glyndebourne Touring Opera was Philip Sheffield Basilio/Le Nozze di Figaro, in Amsterdam en New York werke hij mee aan L'incoronazione di Poppea, in Montpellier aan Cavalli's La Didone. De Opéra du Rhin in Straatsburg nodigde hem uit zijn medewerking te verlenen aan The Tempest de nieuwe opera van Thomas Adès. Philip Sheffield was reeds talrijke malen te gast in de Vlaamse Opera in o.a. Battistelli’s Prova d'Orchestra, en als Edward IV/Richard III, als Tybalt/Roméo et Juliette (Gounod) en als Dr. Cajus in Falstaff.
Werkte in het verleden mee aan



